12 S v Luit |
9 jannuarij a[nn]o 1711 dit zegel is alleen dienende tot het aengechte accordt tusschen tot de administrateur van de roomse gemeente tot Lutjebroeck ter enere en Dirk Jansz en Freeck Jansz Doctor etc[etra] ter andere zijde aaengegaen in dato als boven |
| op heden den 9 janunuarij a[nn] o 1711 compareerden voor mij ondergesz[egde] not[ari]s residerende tot Grootebroeck en voor de getuijgen naergen[oem]t Louw Jansz, Meijnert Pietersz Poort en Pieter Gerretsz Poort in qualijte als tegenwoordige administrateur beneffens Claes Folckertsz over de geoderen effecten en vordere saeken der roomce
gemeente tot Lutjebroeck en aldaer woonachtigh ter eenre Dirck Jansz en Freeck Jansz Doctor, Jacob Backer en Reijnder Buerman de twee eerste kinderen en twee laetste kinderen door het huwelijck als oock erfgenemen van Jan Freecksz Doctor geteelt bij Gerritje Thijs soo in die qualiteijt als mede komende voor geseijde Gerrijtje Thijs haerlieder moeder alle tegenwoor digh tot Grootebroeck ter andere sijde welcke comparanten te kennen gaeven dat tot heden bij de laetste comparanten aen de eerste comparantesijn betaelt geweorden de interessen van vierhonderdt guld[en] hooftsomma waer van den obligati ofte bescheijdt brief niet alleen werdt vermist ___ gevonden kan werden maer
dat sij comparanten oock niet weten door wie nochte ter wiens behoeven ofteop wat tijdtdie soude gepasseert sijen dat echter |
| de comparanten daerontrent haer gelijck als voor desen ter goeder deugth willen gedraegen soo is het dat zij verklaeren des wegen met malkanderen wel verdraegen en over een geko men te sijn en dat in deser voegen als naementlijck dat de laetste comparan ten tot volle voldoeninge van geseijde vier hondertdt guld[en] met de intressen van dier aen de erste comparanten eens voor al sullen voldoen en aenstellen den somma van twee honderdt en t sestigh carol[i] g[u]l[den] sonder meer welcke twee honderdt en t sestigh carool[i] guld[en] sij eerste comparant bekennen soo op desen stonde ontvangen
ten hebben met belofte van hier mede |
sigh | ter saeke van gemelde hooft somma van vier hoderdtguld[en] soo danigh genoeght te houden dat sij eerste comparanten soo in haer particulier als voorn[oem]d[e] qualiteijt haer laetste comparanten voor altoossullen te bevrij den voor alle aentael die ijmandt wie het soude moge sijn teijden en wijle over dese voorsz[egde] hooftsomma soude mogen |
maeken | __sp__k t sij deselve obligatie ofte enige andere kennisse daer van mogh te te voren koem t sij oock bij wier ofte op wiens naems dese kennisse soude mogen geblijkensonder onderscheijdt en dat alles onder
verbandt als naer rechten en ter |
| eijnde deser altoos voor behoorlijcke acte van accort ofte quitantci soude mogen valederen soo is desen bij de comparanten wedersijdte benffens mij not[ari]s getekent actum tot Lutjebroeck ter Huijse van Pieter Gerritsz Poort in dato als boven Louw Janzoon Reijnert Poort Pieter Poort dit mer is bij # Dirck Jansz gestelt Freeck Jansz Dockter
Jacob Cornelisz Backer Reijner Buerman quod attestor M Pluijm |