Op huijden 2 augustij 1660 compareert voor mij etc[etra] Abraham van Stormen notaris ende procureur binnen deser stede als procuratie hebbende van Thonis Adriaen Joris als vooght over de wed[uw]e ende kinderen van Jacob Reijersz za[liger]liger] mitsgaders Jacob Arisz ende Sijmon Jansz Coops alle woonende tot Wognum gepasseert voor den notaris Wijbrant Adriaens Wijdenes sal[iger] ende seeckere getuijgen gepasseert in dato den 23 junij 1656 inhoudende de clausule van substitutue met gelijcke macht mij notario gebleecken ende heeft uijt craghte van dien gesubstitueert ende in sijn plaetste gestelt gelijck hij doet bij desen Hub de Vos
procureur postilerende voor den hoogen ende provintialen rade in hollant specialijck omme sijn const____ de saectie tegens eenen Abraham Ampten brouwer tot Haerlem aen waer te nemen deselve te desenderen ende de voor[genoemd]en saectie tot den eijnde toe te vervolgen ij soo int eijschen als verweren in omnibus adlites cum poetstate substituendie in communi forma voorts alles meer te doen ende procureren wes hij substituant selfs present sijnde soude kunnen ofte mogen doen ratificerende ende approberende alle t geene bij de voornoemde Hub de Vos alreede in dese saecke is gedaen ende veright ende noch gedaen ende verright sal worden ondertverbant ende submissie als naer rechten aldus gedaen ter presentie van Jacob Pietersz van Hoorn en Jan van Stormen getuijgen hier
toe versocht Abraham van Stormen Jacob Pietersz van Hoorn |