Notarieel U165a3 / 216 Utrecht pdf 28-01-2008 pag. 1

=den en langer nochte verder niet onder

 

Op huijden den 24 nov[em]b[er] 1736 compareerden voor mijn Patricius Hendrik Lindsaij notaris s'hooffs van Utrecht binnen Utrecht residerende en de bij de ed[ele] achtbare heeren borgermeesteren ende vroedschappe des zelve stad geadmitteert in pressentie van de nagenoemde getuijgen Willem Bosch woonende aan de Tienhovense sluijs onder Breukelen Proosdeije gerecht ende verklaarden verhuurt te hebben als hij doet bij deezen aan enden ten behoeve van Cornelis Dirksen van der Horst die alhier meede compareerden en bekenden van den eersten comparant in huure aangestaan ende gehuurt te hevven zeekere zijns eersten comparants hofsteede bestaande in een huij- zinge, bergh en schuur met zes en twintigh mergen zoo weij als hooij als hennip landt alte samen geleegen onder den gerechte van Kortrijk Ruwiels Gerechte partijen bekent dat voor den tijd van zes achter een volgende jaaren die haaren ingangh neemen zullen ten reguarde van de landerijen met Corsmis dezes jaars 1736 en ten opzichte van de huijzinge met primo maij des aanstaanden jaars 1757 jaarlijks ende ijder jaar voor ende omme de somma van drie hondert en vijfftigh guldens van twee en twintich stuijvers het stuk edoch indien hij huurden de eerste helfte ijn ijder jaar van de belooffde pachts penningen betaald op den eersten nov[em]b[er] off veertien dagen daar na onbegrepen ende weder helfte op maij daar aan volgende zal hij huurder komen en mogen volstaan met guldens van twintigh stuijvers en anders niet en zijn verders conditien dat indien hij in gebreeken blijft zijns huur penningen op voorschreven

termijnen en gestipuleerde conditien te voldoen vervald hij aanstonds van de vorders huure die hij daar aan hadde den huurder zal gehouden zijn alle jaar en oft ten minsten omt andere jaar de sloten op te haalen tot het uijteijde oft het laatste huur jaar toe en zal den verhuurder noch mogen hakken het hakbare hout dat gehakt moet worden voor petrij 1737 aan komende den verhuurder zal t eerste jaar leveren twee schuijten vullis en zal den huurder het tweede jaar zelfs twee schuijten vullis moeten daar op brengen nuot[?] conditie dat zoo den huurder met de twee eerste jaren van de plaats trekt de geleverde twee schuijten vulis aan zijn huure zal vermogen te korten ende voorts zal hij huurder de landerijen wel moeten toe maken tot zijnen kosten zoo wel de specie als den arbeijd verders is geconditioneert dat den verhuurder gedurende de huur jaren de huijzinge en schuur en bergh van nodige reparatie dat nieuw werk genoemt word zal moeten voorzien ent stoppen van glazen hier en daar wat aant dak en sluijtinge zal den huurder moeten verzorgen verders zal hij huurder alle de voorsz[chreven] landerijen van alle ordinaris en extra ordinaris schouwen moeten onderhouden zoo wegen sandpaden kaden dijken en dammen off zullen de boetens daar over vallende komten tot huurders lasten verders blijft hij huurder gehouden d arbeijds luijden die aan de hoffsteede komen te werken van kost en drank te moeten voorsien noch zal hij huurder geen messie nochte hooij van de plaats mogen verkopen maar met de messie het land aanmaken en het hooij uijtvorijren[?]

aan de beesten als alleen in cas hij huurder van de plaats vahuijzende na expiratie dezer huurjaren eenig hooij overhadde zal hij als dan meede mogen neemen alle de reele en personele ongelden van de huijzinge en landerijen zal den verhuurder int geheel alleen moeten betalen zoo wel die aan den eijgenaar behoren als die den bruijker moet lasten dan alleen de personeele twintig stuijvers per mergen ende jaarlijksen thins uijt de hofsteede gaan de oft zal hij huurder schade die door versuijm van de wanbeta- ling van den thins kwam zelf moeten dragen vorders zal hij huurder de boomen wel mogen op snoeijen maar geensints op gaande boomen hakken dan wel t elsenhout vans vijffde jaar en willige vans vier jaar en niet onder off jonger als met consent van den verhuur- der den huurder zal ook geduurende de huurjaren de hoofdingen wel en na behoren moeten onderhouden ende zal hij huurder met zijn eijgen beslagh zoo van vee als anders sonder eenig vee dat geregistreert is een ander toe te behorende op de plaats moeten trekken daar voor hij constitueerde tot borgh stelden de persoon van Luijt Cornelis Verlaan die meede compareerden en bekenden zigh daar voor te stellen en te verbinden als borgh dat hij huurder de plaats met zijn eijgen vee sal beslaan en op bestemde tijd van t ingaan der huur de gemelde hofstede aander= verband van zijn persoon en goederen als na rechten tot voldoeninge en onderhoudinge en naarkominge dezes verbinden partijen hunne persoonen en goederen dezelve submitteerende de indicatuur s hooffs van Utrecht ende voorts alle andere heeren, hoven, rechteren

 

ende gerechten inde omme deezen gerechtelijk voor den voorsz[chreven] ed[ele] hove te reitereren en bekennen verklaard hij huurder te constitueeren en machtig te maken Jacob van den Doorslag en Joris van Dudenhoven bijde procureurs voor den ed[ele] hove van Utrecht ofte de verdere procureurs voor de zelven hove off ijder int bijsonder hier toe eerst versocht zijnde omme hun huurders in den inhouden dezer voor gemelden ed[ele] hove ofte daar zulks versocht zal werden vrijwillig tot zijnen kosten te doen en laten condemneeren belovende de rato onder verband als na rechten ende versochten de comparanten hier van acte die deez is aldus gedaan ende gepasseert binnen Utrecht ter presentie van Willem Strachen en Jacobus la Raison als getuijgen

Willem Bosch
dit merk + is gesteld
  bij Cornelis Dirksz van
            der Horst voornoemt
dit merk + stelden Luijt
 Conrelisz Verlaan
Willem Strachen
Jacobus La Raison

P.H. Lindsaij      
nots
1736               


Homepage | E-mail