Oud Recht 163 / 106 Alkmaar pdf 04-04-2024 pag. 1

 

 

 

 

de cooppen[inge]n
hier ter

106

. . . .

. . . .

Reijnier ende Thomas van Aras erfgenamen
van haer muije Cornelia Klok sal[ige]r en in die
qualite eijgenaers van t nagenoemde huijs
voor de eene helft en Pieter Joosten Spiegel
 

zijde gemelt
sijn voldaan
soo als bijde
gecasseerde
custingb[rief] alh[ie]r
vertoont is geblekeen
ergo dit art[ike]l
voor memorie
A D Vos

als in huwelijk hebbende Maertje Jacobs
Hant
mede erfgen[amen] van Jacob Adriaensz
Hant
ende bij scheijdinge gedeelt aende weder
helfte van dien verkoopen te samen aen
ende ten behoeven van Hendrik Hole
werf
poorter deser stede een huijs ende
erve staende en leggende binnen dese
stadt aende zuijtsijce van t droncke
noort achter de vismarckt belent de
voornoemde Cornelia Klockken met
t huijs de Ruijter ten westen ende het
huijs van de uijterste dom ten oosten
voorts soo groot en kleijn goet en quaet
als t selve aldaer staede ende leggende
is van welcke verkoopinge etc[etra] be
loovende daeromme etc[etra] sij twee eerste
comp[aran]ten sedert den eijgendom van haer
voorn[oemde] muije ende hij laeste comp[aran]te sedert
den eijgendom van Jacob Adriaensz Hant
onder verbant van hare ende elckx sijne
persoone ende goederen ende noopende
etc[etra] transporteert den vern[oemde] Pieter Joosten
Spiegel
aende kooper de oude quijtscheldinge
bij gemelte Jacob Hant daer af verkregen
besegelt ende in dato den 19e feb[ruari] 1678 met
etc[etra] cooppen[inge]n f 800-0-0 op drie da
gen twee termijnen bij schepenen m[eerste]r
Adriaen van Veen en Jo[hanne]s Floris van
Teijlingen
den 30e augusti 1684

. . . .


Homepage | E-mail