120 Claes Pietersz Backer woonachtigh op Spierdijck belijde wel en deughdelijck Schuldight te wesen aen Pieter Crijnsz Mossel op de Beets hondert vijftigh gulden ter sake van op interessen ontfangen Penn[ingen] welcke somme hij comp[aran]t onder hem sal mogen behouden om seven gulden ten hondert int jaer te betalen t selcken verschijndage aende voorn[oede] Pieter Krijnsz of wettigen houder deses costeloos etc[etra] renunchierende etc[etra] waer van t eerste jaer interesse verschenen sal wesen over een jae rnaer dato deses en soo voort etc[etra] onderspe ciael verbant van een stuck graslant groot in oncosten 1564 roeden gelegen
voor Spierdijck in den bedrijve van Berchout belent de heer m[eeste]r Jacobus Rippes outschepen deses stadt ten noorder en de wed[uwe] van Corn[elis] Jansz Boots ten suijden bel en voort genera lijck etc[etra] vermogens brieve in date en beginnende als voren . . . |