Vanmorgen hebben we in ¾ uur naar de fabriek gelopen. Arie en Toontje bleven achter.
Van Herr Strohm kreeg ik vijf mark voor dat ankertje dat ik voor hem gewikkeld heb.
Die oude vrouw van die boerderij waar ik gewerkt heb heeft mij ook herkend en sprak mij aan. Ze vroeg waar of mijn lange haren gebleven waren. Ik had toen net van die geweldig lange haren.