(Geen dagboektekst alleen een brief)
Toelichting: Op nieuw een brief aan zijn ouders waarin hij zijn vader alsnog feliciteert
met zijn verjaardag, die hij door alle gebeurtenissen was vergeten. Hij vertelt dat de situatie onrustig is:
kameraden worden verplaatst, onder andere iemand naar Wenen, en ook tegen hem is gezegd dat hij mogelijk wordt
overgeplaatst.
Door de vele luchtalarmen zoeken ze vaak veiligheid in het bos. Op vrije dagen gaan ze eerst naar de kerk en
daarna met dekens het bos in om daar te rusten of te slapen, omdat dat soms veiliger en rustiger voelt dan in
bed. Op de fabriek heeft Bob zijn jas en tas al klaarstaan met belangrijke spullen, zodat hij bij sirene meteen
over het hek het bos in kan vluchten.
Verder vraagt hij zijn moeder of zij nog kleding kan verstellen, vooral overhemden, omdat de wasserij soms pas
na twee weken klaar is. Voor een volgend pakket vraagt hij onder meer schoenveters, scheermesjes, vijf films,
iets tegen haarroos, kleine kruisjes (wapen Amsterdam) voor op de jas en een nationaal speldje of vlaggetje. Aan
het eind meldt
hij dat hij 150 Mark heeft gestuurd.